Prinses op de erwt

Mijn vriend W. betichtte me dit keer van perfectionisme. ‘Jij kan ’t alleen als de omstandigheden ideaal zijn, het is nooit goed genoeg voor jou.’ Het ging over mijn zoektocht naar een werkplek. ‘En,’ voegde hij er aan toe: ‘dat geldt ook voor de manier waarop je met vrouwen omgaat.’ Ik heb W. meteen ontvriend, want als je vrienden eerlijk gaan worden, is het eind zoek. Maar toch, heeft hij gelijk? (niet wat betreft vrouwen. Ik wil gewoon een meisje met drie borsten en groen haar. Is dat nou zo veel gevraagd?)

Het oudste zoontje van Becks & Posh heet Brooklyn omdat-ie daar verwekt is. Als ik die logica zou volgen, zou mijn boek als titel Lissabon Cotignac Amsterdam Bergen Curacao Ibiza moeten krijgen. Overal was ik even, maar daar was ’t te druk, daar te warm, daar te grijs en ook hier op Ibiza heb ik 3 appartementen versleten, voor ik neerstreek vlak buiten Santa Eulària des Riu, 70 meter van zee. Ben ik een prinses op de erwt?

Vind ik niet. Het luistert nauw, zo’n schrijfplek. Niet voor het maken van een stukje als dit: dat kan overal. In een kroeg, in de trein, thuis. Doe ik in anderhalf uur, nog een beetje schaven en klaar. Maar een roman, weet ik inmiddels, vraagt een andere, diepere concentratie. De meeste schrijvers vinden die alleen in totale afzondering.

In The Guardian verscheen een fraaie serie over writers’ rooms. De ene kamer een chaos, zoals die van Martin Amis, de andere net zo eigenaardig als de schrijver zelf, zoals de kamer van Roald Dahl. Uitzonderlijk was de werkplek van Jane Austen. Zij had geen eigen kamer en schreef Sense and Sensibility en Pride and Prejudice op dit piepkleine tafeltje naast de voordeur…

En welke omstandigheden heb ik nodig om aan mijn boek te kunnen werken? Een tafel. Een stoel. Licht. Verwarming. Internet. Kans op menselijk contact binnen een straal van 10 kilometer, maar geen buren die verbouwen of klarinet leren spelen.

Mijn kinderhand lijkt dus snel gevuld, maar de alles beslissende factor is: hoe voelt het? Dat gevoel wordt bepaald door ongrijpbare zaken als energie, aardstralen en mijn humeur. Eigenlijk is er dan ook geen peil op te trekken, W. Nu zit ik goed, maar ik beloof niemand dat ik het hier twee maanden volhoud. Het is namelijk belangrijk om zeker te weten dat het gras niet groener is, aan de andere kant van de heuvels.

Advertenties

11 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

11 Reacties op “Prinses op de erwt

  1. Ach M., het zou ook wat zijn als je alles prima vond en relativeerde. Met zo’n houding kan je natuurlijk nooit een schrijver worden die door de goegemeente als een onbereikbaar verheven schepsel wordt aanbeden. Daarvoor moet je continue gedrag laten zien dat voor een sterfeling onnavolgbaar is. En dus is een tirade over het ontbreken van een dedicated airco voor het wc-papier (anders krijg je van die warme zweetbillen tijdens het schrijven) op zijn plaats. Sterker nog, noodzakelijk. Begrijp me dus ook niet verkeerd, ik vind je anale gefixeerdheid over alles wat ook maar ervaarbaar is een pre. Laat zien that you care. Dat er altijd beter is. Dat je leeft, observeert, scherp blijft.

    Bij het vinden van een levensgezellin is het lastig om eenzelfde houding aan te nemen als die bij de selectie van een werkplek. Als zij haar gras heeft laten staan (dit is aan mode onderhevig) zal zij het minder waarderen als de kleur ervan regelmatig ter discussie staat. Enzovoort. Maar dat weet je natuurlijk allemaal al lang. Ik hoop dat je op deze locatie even de rust gegund is om lekker te ploeteren aan je primer opus magnus. Ja, was niet bepaald een ster in Latijn op school maar wel leuk om er mee te kunnen pronken zo vlak voor deze kunde wordt afgeschaft.

    Toedeloe, W.

    • markschalekamp

      Het is opus magnum, niet magnus – ik was wel een ster in Latijns. Voor een roze koek en een rol Topdrop mochten mijn klasgenootjes bij me spieken. Zo eentje was ik. Ben ik.

      • Sorry Mark, maar een Magnum is een ijsje. Een vrij groot ijsje. Geen roze koek en geen rol drop dus. En iedereen weet dat je op een school zat waar het mooi meegenomen was als je een leraar had die kon schrijven. In het Nederlands. Maar voor de meesten was zelfs dat Latijn. Dit alles doet vermoeden dat jij net even lekker bent gaan Googlen om mijn Latijnse spreuk te checken. Stiekumurd. Dat is voor iemand die met Google in het Deens kan sms’en natuurlijk een koud kunstje.

  2. markschalekamp

    Tom Selleck is Magnum, P.I.

  3. caroline

    Magnum? Dacht dat het champagne was, maar ik heb dan ook groen haar

  4. Margré

    misschien helpt een struikje salie…;-)

  5. caroline

    zie je wel, toch een prinses op de erwt, zit ik met mijn groene haar…

  6. Feije

    Het is “Magnum Opus” en niet “Opus Magnum”. En in Total Recall van Paul Verhoeven komt een vrouw met drie borsten voor. Haar rode haar groen verven is te doen, lijkt me. Dus wat doe je nog op dat Yolanthe Cabau-Van Kasbergen-eiland? Op naar Hollywood.

    • markschalekamp

      Volgorde van zelfstandig naamwoord en bijvoeglijk naamwoord maken niet uit, hebben ze mij in Rotterdam verteld. Misschien heb jij in West-Friesland een ander dialect geleerd. Total Recall is based on a true story, neem ik aan, net als ET en Shrek, en waarom zou Paul Verhoeven over zoiets liegen? Ik zie op dit eiland overigens wel vaak vaak vrouwen met twee ruggen. Wordt een man ook niet blij van.

  7. Sjaak

    Och, als je 500 van die vrouwen hebt ben je miljonair. Hoef je je boek in elk geval niet om financiele redenen af te maken

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s